Bij de verbouwing van het pand is rekening gehouden met duurzaamheid. Zo wordt gebruik gemaakt van een geo-warmte installatie waarmee de benodigde energie voor verwarming van het museum met meer dan 75% afneemt. Diezelfde installatie wordt ook gebruikt in de klimaatbeheersing zodat ook hier kosten bespaard worden.
De energiebron De aardbol is een onmeetbare bron van energie. De zon verwarmt de atmosfeer, en daarmee de bovenste laag van de aardkorst, al miljoenen jaren. Omgekeerd verspreidt de aardkern al miljoenen jaren haar warmte van binnenuit tot aan de aardkorst. De eerste meters onder het aardoppervlak zijn nog sterk onderhevig aan de seizoensschommelingen. Op één meter diepte schommelt de bodemtemperatuur tussen 4 en 17°C. Op 5 à 7 m diepte is die externe invloed bijna verdwenen en heeft de bodem een temperatuur van 10 à 12°C. Dieper stijgt de temperatuur langzamer, namelijk met 1,5 à 3°C per 100m. Door middel van een warmtepompinstallatie benutten we deze constante bron van gratis warmte uit onze omgeving voor het behaaglijk verwarmen van gebouwen en warm sanitair tapwater.
Het verplaatsen van de energie Warmtepompen zijn duurzame energiesystemen die onbenutte warmte (exergie) uit onze omgeving omzetten in bruikbare warmte (energie). In bijna ieder huis staat een warmtepomp in de vorm van een koelkast of diepvries. De koelkast onttrekt warmte aan de binnenruimte (de te koelen producten) en geeft die warmte af aan de buitenkant (de ruimte waar hij staat). Een warmtepompinstallatie ontstaat als volgens ditzelfde principe warmte van buiten (bijvoorbeeld de bodem) afgegeven wordt in een gebouw (bijvoorbeeld via de cv-installatie).
Het afgiftesysteem voor de energie De warmtepomp installatie brengt het CV water bij voorkeur naareen lage temperatuur van 35°C a 40 C . De winstfaktor van de warmtepomp (C.O.P) is bij deze temperaturen het hoogste. Deze temperatuur is echter veelal lager dan de temperatuur waarop de meeste bestaande CV’s zijn uitgelegd (60 a 80 °C). De meeste afgifte systemen met traditionele radiatoren zijn hierop ontworpen. Zij hebben bij de door ons gewenste lage temperaturen te weinig vermogen om een ruimte goed te verwarmen. In dat geval worden de radiatoren vervangen door speciaal ontwikkelde lage temperatuur radiatoren. Vloerverwarming (of lage temperatuur wand- en/of plafondverwarming) zijn direct geschikt om met lage temperatuur te verwarmen.
Led verlichting
In het museum wordt waar mogelijk gebruik gemaakt van LED verlichting. Omdat dit nog niet overal toepasbaar is zal je op diverse plaatsen nog gewone verlichting tegenkomen. De gebruikte armaturen zijn echter al volledig voorbereid op LED.